Bijna
veertig jaar lang heeft Augustinus (354-430) in het Noord-Afrikaanse Hippo
Regius de geloofsgemeenschap als predikant gediend. Van heinde en verre kwamen
mensen naar deze havenstad om zelf de woorden van de befaamde bisschop te
beluisteren of zijn preken in opdracht van anderen op te tekenen. Daarnaast vond
Augustinus al in de oudheid zeer vele lezers. Zijn oeuvre beslaat zo'n vijf
miljoen woorden in het Latijn.
Tweemaal hield Augustinus zich uitdrukkelijk
bezig met het probleem van de leugen. Mag je liegen? Nee. Eigenlijk niet. Maar
zijn er geen uitzonderingen mogelijk? Leugentjes om bestwil? Leugen om levens te
redden? Liggen er geen ethische dilemma's bij een al te strikt NJET tegen
liegen?
In een eerste traktaat Over de leugen
(de mendacio) uit 394 is Augustinus vooral bezig hierover vragen te
formuleren en wegen af te tasten naar voorlopige antwoorden. Helemaal
bevredigend oplossen kan hij de problemen niet, en niet zelden belandt hij van
probleem in probleem. Zoals uit zijn eigen Nalezingen
blijkt had hij dit moeilijke traktaat eigenlijk willen vernietigen. Maar dat is
niet gebeurd. Later wilde hij het alsnog handhaven.
Intussen had hij in 420 zich opnieuw met de
problematiek beziggehouden. Nu naar aanleiding van concrete conflicten met
een ketterse groepering die de leugen openlijk propageerde ter verdediging van
haar ketterij (de Priscillianisten). Opnieuw weet Augustinus niet alle
detail-kwesties op te lossen.
In hoofdlijnen is zijn positie wel duidelijk:
liegen mag eigenlijk, idealiter, voor een christen helemaal nooit, ook niet in
de meest extreme gevallen, want liegen brengt, als zonde, het eeuwig heil van de
ziel in gevaar. Maar er zijn gevallen waar de menselijke zwakte misschien, soms,
voor sommigen, onder bepaalde voorwaarden, de zaak iets minder ernstig maakt.
Maar nooit ofte nimmer mag je liegen als de godsdienst in het geding is. Dus ook
niet in het godsdienstonderwijs of om ketters te kunnen betrappen.
Beide traktaten zijn hier voor het eerst in Nederlandse vertaling
tezamen gebracht. De teksten vormen geen gemakkelijke lectuur. Maar het is
fascinerend om Augustinus te zien worstelen met de materie. Juist doordat hij
hier niet met een helder uitgewerkt schrijfplan werkt maar eerder improviserend
te werk gaat, treden zijn fenomenale denkkracht en bijbelkennis aan de dag. We
maken de kerkvader dus als het ware rechtstreeks mee in zijn denk- en
schrijfproces.
Augustinus-kenner Paul van Geest staat garant voor een boeiende
inleiding, die duidelijk maakt waarom deze teksten ook in de 21e eeuw de moeite
van het lezen waard zijn.

bron afbeelding: http://www9.georgetown.edu/faculty/jod/augustine/
illustratie bij review in New York Times
Fragment
Acht typen leugens
De eerste soort leugen, die we boven alles moeten vermijden en waarvan we ons
ver moeten houden, is de leugen in het godsdienstonderricht. Niemand mag zich
die toemeten, onder geen enkel beding.
De tweede soort is de leugen waarmee je iemand onrechtvaardig benadeelt. Die
baat niemand en schaadt wel iemand.
De derde soort leugen baat een ander maar schaadt weer een ander, zij het niet
in onreinheid van het lichaam.
De vierde is de leugen enkel en alleen uit plezier in liegen en bedriegen, de
pure leugen.
De vijfde is die uit behaagzucht via mooie praatjes.
Als we die vijf allemaal hebben vermeden en verworpen volgt type zes, dat
niemand schaadt en wel iemand baat. Bijvoorbeeld als iemand weet waar andermans
geld ligt, en op de vraag van een potentiële dief liegt dat hij het niet weet.
Ook type zeven schaadt niemand en baat wel iemand (maar dan niet als een rechter
de vragen stelt). Bijvoorbeeld als je liegt omdat je iemand die voor de
doodstraf wordt gezocht niet wilt verraden, en dan niet alleen een rechtvaardig
en onschuldig mens, maar ook een schuldige. Want het hoort bij de christelijke
leer nooit te wanhopen aan iemands verbetering en nooit iemand de toegang tot
berouw te versperren.
Die laatste twee soorten leiden meestal tot veel discussie. We zijn er genoeg op
ingegaan en hebben laten zien wat ons het beste lijkt, namelijk dat dappere,
gelovige, waarheidsgetrouwe mannen en vrouwen ook deze soorten leugen moeten
vermijden door alle ongemakken te ondergaan die een mens eerzaam en dapper
verdraagt.
Het achtste type leugen schaadt niemand en baat in zoverre dat het iemand
beschermt tegen lichamelijke onreinheid (althans in de zin die ik eerder
vermeldde. Want volgens de joden gold ook eten zonder eerst je handen te wassen
als onrein. Misschien wil iemand dat ook onreinheid noemen. Maar dan gaat het
toch niet om iets van dien aard dat je ter vermijding ervan mag liegen.)
-- Stel, het betreft een leugen die iemand beschermt tegen het soort onreinheid
dat alle mensen verafschuwen en verfoeien, maar die tegelijk ook een ander
schaadt (en de schade door die leugen bestaat dan niet uit het soort onreinheid
waarover we het nu hebben.) Of dit type leugen mag, is een andere kwestie. De
vraag betreft dan namelijk niet de leugen, maar of je überhaupt iemand schade
mag berokkenen, ook door iets anders dan een leugen, om bij iemand anders die
onreinheid af te weren. Absoluut niet, denk ik, zelfs al dreigt er maar heel
geringe schade, zoals het verlies van een schepel graan, ik noemde dat eerder
al. Het is wel een verontrustend idee: mogen we een mens zelfs niet dit soort
schade berokkenen als we daarmee een ander kunnen beschermen of vrijwaren van
seksueel misbruik? Maar als gezegd, dat is een andere kwestie. --
Verder nu met het aangestipte punt. Mogen we
liegen als men ons het mes op de keel zet en we de keus hebben tussen liegen of
ondergaan van seksueel misbruik (of enigerlei verschrikkelijke bezoedeling)? <En
geldt een eventueel verbod> ook als we met zo'n leugen niemand schade
berokkenen?
(De leugen, c.25)

St. Augustine, Philippe de Champaigne (ca.
1645-1650)
Uit Augustinus' 'Herlezingen'
(1,27(26) en 2,60 (87))
De leugen
"Tevens schreef ik een boek De leugen. Het vergt de nodige inspanning
het te begrijpen, maar vormt toch ook best een nuttige denk- en
redeneeroefening. En meer nog is het van ethisch belang: het zet aan tot liefde
voor het spreken van de waarheid. Ook dit boek heb ik geprobeerd uit mijn oeuvre
te verwijderen, want ik vond het duister en ingewikkeld en sowieso een lastig
geheel. Daarom had ik het ook niet voor publicatie vrijgegeven.
Later schreef ik een ander boek met de titel Tegen de leugen. Daarna vond ik nog
veel meer dat het eerste boek moest verdwijnen. Ik gaf ook opdracht daartoe,
maar die is niet uitgevoerd.
Bij deze herlezing van mijn oeuvre trof ik
zodoende het eerste werkje intact aan. Ik heb het herlezen en vervolgens bepaald
dat het moet blijven, vooral omdat er een paar wezenlijke punten in staan die
ontbreken in het tweede.
Het tweede draagt als naam Tegen de leugen en het eerste De leugen. Dat is omdat
het tweede één openlijke bestrijding is van de leugen, terwijl het eerste
grotendeels een methodische discussie inhoudt. Beide zijn echter gericht op
hetzelfde doel.
Het boek begint als volgt: 'Een groot probleem vormt de leugen'."
Tegen de leugen
"Toen heb ik dan ook Tegen de leugen geschreven. Aanleiding voor dat
werk was de kwestie van het opsporen van de Priscillianisten. Dat zijn ketters
die de opvatting huldigen dat ze hun ketterij moeten verbergen, niet alleen door
ontkenning en leugens, maar zelfs door meineed. Nu vonden sommige katholieken
dat zij moesten doen of zij Priscillianisten waren, om zo tot in hun
schuilplaatsen door te dringen. Ik wilde verhinderen dat dit gebeurde. Vandaar
de samenstelling van dit boek.
Het boek begint als volgt: 'Je hebt me heel wat te lezen gestuurd'."
Inleider en vertaler
Paul van Geest

Vincent Hunink
Recensies / Media
Iedereen liegt
Wij denken natuurlijk dat vooral
anderen liegen. Maar pas op. We doen het allemaal. Mannen ook nog eens
gemiddeld twee keer zo vaak als vrouwen. Als je de wetenschappers (m/v)
tenminste mag geloven.Volgens
psychologen liegen we zoveel om straf of misprijzen te ontlopen. Om er ons
voordeel mee te doen. Maar vooral omdat liegen het leven zoveel
makkelijker maakt. Wie altijd eerlijk is maakt geen vrienden. Liegen is
onmisbaar in de omgang met anderen, stellen de meeste wetenschappers. De
sociale, alledaagse leugen, bedient beide partijen: de leugenaar en de
belogene.
Volgens een Amerikaanse deskundige
zijn er diverse soorten leugens: defensieve (‘ik heb het niet gedaan’),
agressieve (‘hij is een sukkel’), kwaadwillende (‘hij heeft gestolen’),
compensatieleugens (‘Ik ben cum laude afgestudeerd’), geïmpliceerde (’nee
hoor, er zitten geen nadelen aan’) en pathologische leugens waarbij liegen
ziekelijk en dwangmatig is.
Ik lees het allemaal in een artikel in de NCRV-gids. Een opwekking om te
kijken naar Lie to me op RTL 5.
De leugen regeert nogal luchtigjes.
Wij zitten er niet zo mee, lijkt het. Toch is dat anders geweest.
Recent verscheen een mooi, vertaald boek over de leugen. De schrijver
is niemand minder dan
Aurelius Augustinus (354-430).
Wat vooral opvalt is de totaal
andere toon die Augustinus aanslaat. Voor hem was een leugen onder geen
enkele omstandigheid moreel gerechtvaardigd.
Ook hij onderscheidt diverse soorten leugens: de leugen waarmee iemand
onrechtvaardig benadeeld wordt, de leugen waarbij de een baat heeft maar
waardoor de ander geschaad wordt, de leugen waaraan een bedenkelijk
genoegen in liegen en bedriegen ten grondslag ligt en de leugen uit
behaagzucht via mooie praatjes. Dit soort leugens vonden mensen vóór
Augustinus overigens ook al verwerpelijk.
Maar Augustinus verwerpt ook de
leugen die niemand schaadt en wel iemand baat (bv. als iemand weet waar
geld van een ander ligt maar als een dief ernaar vraagt, zegt dat hij niet
weet waar het is). Zelfs iemand die liegt omdat hij een ter dood
veroordeelde, schuldig of onschuldig, niet wil verraden, is laakbaar,
evenals iemand die liegt om een ander tegen lichamelijke onreinheid te
beschermen.
Augustinus gaat heel ver. Te ver?
Maar als liegen een acceptabel
verschijnsel is geworden, wordt het wel hoog tijd om vragen te stellen
over de zuiverheid van onze intenties. Om de waarheid te dienen.
Y k o v a n
d e r G o o t op
www.protestant.nl (directe URL:
http://www.protestant.nl/actueel/iedereen-liegt), geplaatst op 12
februari 2010
[tekst overgenomen
met welwillende toestemming van de auteur]
===
Op woensdag 17 februari werd Vincent Hunink
geïnterviewd voor Klara (VRT; Vlaamse radio) door Heidi Lenaerts voor het
programma Babal (cultuurmagazine, 17u-19u)
===
Kort
signalement met beschrijving van de inhoud door K l a a s v
a n d e r Z w a a g in
Reformatorisch Dagblad
22 februari 2010
===
'Neem en lees!'
uit signalement in De Oogst
(Maandblad tot heil des volks. Evangelisatie, hulpverlening en profetisch
geluid)
april 2010. p.34 door P i e t e r
d e B o e r
===
'Jammer dat dit boek niet eerder in het
Nederlands is vertaald'
(...)
'Neem en lees!'
uit boekbespreking in Beweging
74,1 lente 2010, p.46
door P i e t e r
d e B o e r
===
recensie door B a s v a n
B e n t, digitaal op www.Zinweb.nl (Volledige
tekst:
http://www.zinweb.nl/list.aspx?lIntEntityId=233&lIntNavId=63)
Liegen en leugens, een recensie na ruim
1700 jaar
“Je mag niet liegen” dat zeggen over het algemeen moeders tegen hun jonge
kinderen in een poging algemeen aanvaarde normen en waarden over te brengen aan
hun jonge kinderen. Weinigen van hen zullen zich realiseren dat zij een norm
citeren die voor het eerst in die absolute vorm werd geformuleerd door Aurelius
Augustinus (...)
We hebben het aan het Augustijns instituut in [Eindhoven] en de Budelse
uitgeverij Damon te danken dat we in een heldere Nederlandse vertaling en een
prachtig verzorgde uitgave kennis kunnen nemen van de opvattingen en
redeneringen van de kerkvader Aurelius Augustinus. In een tijd waarin de
discussie over normen en waarden voortdurend weer oplaait een waardevol
boekwerk. De vertaling is van Vincent Hunink, universitair docent aan de Radboud
Universiteit in Nijmegen en de vertaling is meer dan het vermelden waard. Het
boek leest of het oorspronkelijke werk in hedendaags Nederlands is geschreven.
Het Latijn waarin Augustinus vooral zijn eerste traktaat over liegen heeft
geschreven was niet bepaald erg verzorgd, maar de Nederlandse lezer merkt daar
niets van en kan zo ongestoord kennis nemen van de denkwijze van de Bisschop van
Hippo. De lezer wordt hierbij geholpen door een voortreffelijke inleiding van
Paul van Geest hoogleraar aan de universiteit van Tilburg en de Vrije
Universiteit in Amsterdam. Hij zet de werken van Augustinus die in het boek zijn
vertaald in hun tijd en licht hun ontstaan toe. Het absolute van de redeneringen
van Augustinus wordt daardoor duidelijk en de redeneringen zelf meer
toegankelijk.
(...)
De belangrijkste functie die een boek als dit kan hebben is het helpen bij het
formuleren van een eigen ethiek. De stellingen van Augustinus zijn ook vragen
aan ons over waar wij zelf staan en wat wij wel en niet goed vinden aan ons
eigen gedrag, waar wij anderen op aanspreken en wat wij aan onze kinderen willen
overdragen. De uispraak dat je niet mag liegen van veel moeders, ook van vaders,
is net zo absoluut als de uitspraken van Augustinus, maar verstandige ouders
weten die norm ook verstandig te nuanceren. Daar kunnen de redeneringen van
Augustinus ons bij helpen. De wijze waarop de samenstellers en de uitgever ons
dit boek hebben bezorgd maakt het aanvaarden van die hulp tot een plezierig
gebeuren. (...)
===
Een inhoudelijke bespreking (met een serieuze
persoonlijke synthese)
wordt gegeven door R . H .
in: Bres,
magazine voor religie, wetenschap en gnosis, nr. 262, juni/juli 2010,
p.91-92. Over de vertaling staat hier alleen vermeld dat de beide teksten niet
eerder in het Nedl. zijn vertaald.
===
'De vertaling is voorbeeldig: modern, vaak
alledaags Nederlands. De inleider plaatst beide boeken in een ruimer kader van
Augustinus' denken en contacten.'
uit anonieme recensie
van NBD Biblion,
voorjaar 2010
===
'Augustinus zelf vond later zijn eerste boek
nogal ingewikkeld, maar in de bijzonder vlotte en heldere vertaling van Hunink
is daarvan weinig te merken, ook niet bij de spitsvondige redeneringen en de
minutieuze afweging van woordbetekenissen. (...) Door de spitsvondige
redeneringen en soms amusante commentaar garanderen deze traktaten aangename
lectuur.'
uit de recensie van J e f E c
t o r in de Leeswolf 16, 2010, 5 (juni), p.366.
===
'Bij Damon zijn inmiddels al een
tiental werken van Augustinus uitgegeven. Volledigheid zal allicht niet
nagestreefd worden, want Augustinus heeft duizenden pagina’s geschreven of laten
optekenen. Dit traktaatje is een van zijn minder bekende. Het toont aan dat
Augustinus zich inderdaad niet alleen boog over grote theologische kwesties,
maar ook over alledaagse dingen. Niet voor niks wordt hij ook de grote
zielzorger genoemd. In dit boekje zijn twee traktaatjes over dat thema van hem
verzameld. Grosso modo onderscheidt hij acht types van leugens, de ene al wat
zwaarder dan de andere. Realistisch als hij is, vormen leugentjes om bestwil of
leugens die een leven redden weinig problemen. Hij wordt daarin gesteund door
tal van Bijbelpassages. Deze reeks van Augustinusuitgaven is ronduit
voorbeeldig. Niet alleen de vertaling is in orde, maar ook de uitgebreide
inleiding die het werk volledig situeert.'
E N op
www.christusrex.be
===
'Augustinus is de eerste, die een speciaal
traktaat aan de moraliteit van de leugen weidt, zo schrijft Augustinuskenner
Prof. dr. Paul van Geest in zijn inleiding tot dit opmerkelijk actuele boek.'
uit recensie door Ds. Jenno Sijtsma op
www.boekhandelwesterhof.nl. Directe link
hier
===
'Ondanks de moeilijkheidsgraad is het jammer
dat de vertalers de tekst in (te) korte zinnen hebben geknipt; hierdoor krijgt
de vertaling een vluchtig karakter.'
Een kritische opmerking in een zeer
uitgebreide en overigens zeer lovende bespreking door D i r k v a n
K e k e m in Fundamenteel 19,3, maart 2011, 28-30
latest
changes here:
02-01-2012 11:30