VincentHunink.nl

Home > ONDERZOEK > VERTALINGEN | EDITIES | PUBL.LIJST | PROJECTEN ||| BRONNEN | INDEX



intro

opzet

bijdragen

 


 CORPUS VAN PATRISTISCHE TEKSTEN (CPT)

 

Nederlandse vertalingen van kerkvaders in digitale vorm

 

De belangstelling voor de Oudheid is in Nederland en België momenteel verheugend groot. Griekse en Latijnse bronteksten komen in toenemende mate ook in digitale vorm beschikbaar, zij het deels via afgeschermde corpora die commercieel worden uitgebaat. Nederlandse vertalingen worden nog volop uitgegeven.

Voor Vroegchristelijke teksten is de situatie minder gunstig. De Griekse en Latijnse bronteksten zijn digitaal weliswaar redelijk goed beschikbaar, maar het aantal Nederlandse vertalingen in boekvorm blijft gering.

Mede gezien de gestaag teruglopende kennis van Grieks en Latijn bij veel doelgroepen zoals studenten theologie, is een betrouwbaar corpus van vertalingen van patristische teksten duidelijk gewenst.

Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van oudere Nederlandse vertalingen. Vooral in de eerste decennia van de 20e eeuw is er een flink aantal vertalingen van Griekse en Latijnse patristische teksten gepubliceerd. Het overgrote deel van die publicaties is echter niet langer in druk.

Een inventarisatie van de betreffende teksten is gemakkelijk af te leiden uit: Patrick De Rynck en Andries Welkenhuysen, De Oudheid in het Nederlands, Repertorium en Bibliografische gids, Baarn 1992 (digitaal beschikbaar via http://www.dbnl.org/tekst/rync001oudh01_01/) en Andries Welkenhuysen, Klassieke vertalingen 1992-2003, Leuven 2003.

Heruitgave in boekvorm van de vroegchristelijke vertalingen lijkt commercieel onhaalbaar. Een digitaal corpus biedt daarentegen grote voordelen. Niet alleen kan het versnipperde materiaal daarin samengebracht worden in een goed toegankelijk, uniform corpus, maar ook kunnen teksten inhoudelijk en stilistisch worden aangepast, waardoor zij in de praktijk ook daadwerkelijk kunnen worden gebruikt.

De digitalisering van relevante vroegchristelijke vertalingen zal zich beperken tot teksten die dateren van na 1880. Stijl en taalgebruik in oudere uitgaven maken die teksten niet meer geschikt voor lezers van de 21e eeuw. Aan de andere kant is er een chronologische begrenzing vanwege het auteursrecht (70 jaar). In eerste instantie gaat het dus om teksten uit de periode tot 1940.


 

Praktische opzet

 

Uitgaande van de beschikbare vertalingen in boekvorm wordt eerst door de projectleiding vastgesteld welke titels voor digitalisering in aanmerking komen. Hierbij worden vertalingen inhoudelijk en stilistisch bekeken en via steekproeven gecontroleerd.

De goedgekeurde titels worden vervolgens door studenten ingescand en via OCR software naar bewerkbare bestanden omgezet en bewerkt. Waar nodig worden spelling en interpunctie aangepast aan het hedendaags gebruik. Ook de alinea-indeling en nummering van paragrafen wordt zoveel mogelijk geüniformeerd. Daarbij worden de teksten opgemaakt in HMTL, en na controle door de projectleider gepubliceerd op een vrij toegankelijke website.

Het is uitdrukkelijk de bedoeling dat de digitale vertalingen compleet en snel toegankelijk zijn en een zo neutraal mogelijke vorm krijgen. Als model kan dienen de HMTL-weergave en ordening van Latijnse teksten in The Latin Library of die van de Nederlandse teksten in de DBNL.

Met de publicatie van het materiaal kan snel worden begonnen, zodra enkele titels zijn voorbereid.

Ter voorbereiding op een groter project, dat uiteindelijk zoveel mogelijk vertalingen van patristische teksten zal omvatten, wordt gestart met een pilotproject van een jaar. Doel van de pilot is het verkennen van de mogelijkheden, het creëren van werkbare en productieve onderzoekslijnen en de feitelijke realisatie van een aantal concrete voorbeelden van gedigitaliseerde tekstbestanden van auteurs vooraan in het alfabet, zoals Ambrosius en Augustinus.

Het beoogde digitaliseringsproject CPT wordt organisatorisch ondergebracht in het onderzoeksinstituut Historische, Literaire en Culturele Studies (HLCS) van de Radboud Universiteit Nijmegen, binnen het programma 'The ancient world' en de interfacultaire onderzoekslijn 'Texts, Transmission and Reception' (TTR), in nauwe samenwerking met het Centrum voor Patristisch Onderzoek (CPO) aan de VU en UvT, geleid door prof.dr. Paul van Geest. Projectleider is dr. Vincent Hunink, universitair docent Vroegchristelijk Grieks en Latijn aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

 



Bijdragen


In het voorjaar van 2010 is subsidie aangevraagd bij DANS om de pilot te kunnen starten. Zodra het project is goedgekeurd en op gang is gekomen, wordt nadrukkelijk ook gezocht naar uitbreiding van het corpus door bijdragen van vrijwilligers. Hebt u een vertaling van een oudere patristieke tekst in digitale vorm?  Bent u zelf een vertaler aan wie de rechten op niet meer leverbare vertalingen zijn teruggevallen en wilt u uw vertaling bijdragen aan het CPT? Neem dan even contact op met de projectleider, Vincent Hunink. CPT treedt graag met u in overleg!

 

 


Radboud Universiteit

Faculteit Letteren

GLTC

Centrum voor Patristisch Onderzoek (CPO)


latest changes here: 19-12-2011 14:58

 


HOME VH / vincenthunink.nl

(c) 2012 V. Hunink

copyright statement  / contact