|
COLLEGE ANTIEKE ROMAN

Apuleius
Op deze pagina vindt u
aanvullend materiaal bij de cursus 'Antieke roman', een keuzemodule binnen de
minoren Griekse en Latijnse Letterkunde, Literatuurtheorie en Klassieke Cultuur, zoals gegeven
aan de Radboud Universiteit Nijmegen in periode 2 van het cursusjaar 2010-2011.
Hieronder worden de onderdelen op deze pagina kort beschreven.
Het schema
van de colleges spreekt voor zichzelf. Eventuele aanpassingen worden hier op de site bijgehouden.
Een overzicht van de te lezen
en bestuderen teksten vormt de basis van het college,
maar er is veel ruimte voor presentaties door
studenten, waarbij samenwerking gewenst is.
Het college wordt getoetst
door middel van een individueel te schrijven paper. De tentameneisen
staan, met uurberekening en al, nog eens apart vermeld.
Studenten GLTC kunnen, als zij dat willen, ook tentamen doen over een
zelfstandig te lezen pensum Latijn of Griekse teksten uit romans. De eis van het
paper vervalt dan voor hen. Vanzelfsprekend kan in overleg ook een extra pensum worden gelezen,
ter aanvulling van het paper. In dat geval kunnen extra studiepunten worden
toegekend. In ieder geval moet voor een pensum van te voren goedkeuring van de
docent worden gevraagd.
Voor de bibliografie
is gebruik gemaakt van bestaande lijsten op het internet. Enkele links
ronden de pagina af.
Voor aanvullingen en opmerkingen
kunnen belangstellenden mij aanspreken of e-mailen.
Schema
|
Nr.
|
Onderwerp 1e uur
|
Presentaties
2e uur
|
|
1
(2-11-2010)
|
Inleiding
op de cursus / Bronnen van antieke fictie
|
Model:
Xenofon van Efese (docent)
Klik hier voor uitgebreide
summary
|
|
2
(9-11)
|
Ontwikkeling:
Chariton
|
presentatie (Chariton)
|
|
3
(16-11)
|
Humor: Petronius
|
presentatie (Petronius)
|
|
4
(23-11)
|
Diepgang:
Apuleius (i)
|
presentatie (Apuleius, m.u.v. Amor
en Psyche)
|
|
5
(30-11)
|
Diepgang: Apuleius
(ii)
|
presentatie (Apuleius, Amor en
Psyche)
|
|
6
(7-12)
|
Voortzetting:
Historia Apollonii
en Hagiografie
|
presentatie (Longos)
|
|
7
(14-12)
|
Opvolging:
Grote Christelijke verhalen
|
presentatie (Handelingen van
Paulus en Thecla)
|

Petronius (moderne sculptuur)
Teksten
Het college draait om enkele centrale teksten
uit het genre van de antieke roman. Van alle deelnemers wordt verwacht dat zij
in ieder geval de volgende teksten in vertaling lezen en bestuderen.
Lezen
|
Chariton, Chaireas
en Kallirhoë, een liefde, vertaald en toegelicht door Emilie van Opstall,
Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam 1998; bij De
Slegte hier en daar nog verkrijgbaar.
[ca. 150 p.]
Petronius, Satyrica,
vertaald en toegelicht door Vincent Hunink, Athenaeum-Polak & Van Gennep,
Amsterdam 2006 [ca. 195 p.] in de boekwinkel
verkrijgbaar. Zie ook: http://petronius.vincenthunink.nl
NB De oudere, nog goed verkrijgbare Nederlandse vertaling door A.D. Leeman
is voor dit college ook bruikbaar.
Apuleius, De
gouden ezel, Metamorfosen, vertaald door Vincent Hunink, Athenaeum-Polak
& Van Gennep, Amsterdam 2003 [ca. 250 p.] in de boekwinkel
verkrijgbaar. Zie ook http://apuleius.vincenthunink.nl
NB De oudere vertaling door M.A. Schwartz,
eerder uitgegeven bij dezelfde uitgeverij, wordt voor dit college afgeraden.
aanbevolen (niet
verplicht): Longos, Dafnis
en Chloë, een opvoeding in Eros, vertaald, ingeleid en uitgeleid door
Marjon van Es, Ambo, Amsterdam 2001 (of: Longos, Daphnis en Chloé,
vertaald door Stephan van den Broek, Houtekiet, Antwerpen-Baarn 1990)
[ca. 125 p.]
Andere vertaling in een
van de moderne talen zijn ook toegestaan. Het moet wel gaan om integrale en
recente vertalingen (géén bloemlezingen, géén vrije bewerkingen). Bij twijfel:
raadpleeg de docent.
|
Alle deelnemers
worden geacht deze romans gelezen te hebben voordat de boeken op college ter sprake
komen. De roman van Chariton dient dus op het tweede college door iedereen gelezen te zijn,
die van Petronius een week later.
De roman van Longos komt op
college niet structureel aan de orde. De tekst leent zich echter zeer goed voor
eventuele behandeling in presentaties en/of papers, en is dus van harte
aanbevolen.
Bestuderen
Niklas Holzberg, De
roman in de oudheid, Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam 1998 bij
De Slegte hier en daar nog verkrijgbaar.
[ca. 150 p.]
NB Aanbevolen wordt de herziene en
vernieuwde Duitse editie van 2006:
Niklas Holzberg, Der antike Roman, eine Einführung, (Wissenschaftliche
Buchgesellschaft) Darmstadt 2006 (online
bestelbaar voor leden van de WB), ook verkrijgbaar bij bv. Amazon.de
Er is ook een Engelse editie van
1994. Deze is uiteraard ook toegestaan, ook al is de tekst qua
bibliografie wat ouder.
|
Verder wordt enige
secundaire literatuur bestudeerd (door bepaalde studenten) en gezamenlijk
besproken in het college bij presentaties. Ten
slotte bestudeert elke student enkele titels secundaire literatuur in het kader
van het afsluitende paper.
Presentaties
In ieder college, m.u.v. het eerste, wordt
het tweede uur ingeruimd voor mondelinge presentaties door de deelnemers. Zij
schrijven zich hiervoor van tevoren in op een lijst die de docent op het eerste
college meeneemt. Van iedereen wordt hier een bijdrage verwacht, die bovendien
van voldoende kwaliteit moet zijn. (In andere gevallen volgt een extra
schriftelijke opdracht).
De presentaties zijn in
principe individueel (maar zie ook bij samenwerking),
maar volgen een helder patroon van drie samenhangende onderdelen van elk een
kwartier. Als eerste komt een secundair literatuurblok. Hierin
bespreken studenten enkele (minimaal twee of drie) moderne artikelen of
beschouwingen over de roman die in het college centraal staat. Steeds komt hierin een motivering van de keuze voor de te bespreken
titels aan bod, voorts een
beknopte samenvatting van de argumentatie (dus geen vollediuge
parafrase!), liefst met een enkel voorbeeld, en een conclusie en eigen
stellingname t.o.v. de behandelde kwesties en/of theorieën. Als vuistregel
geldt: kies artikelen van relatief recente datum (niet vóór 1970) met bij
voorkeur tegengestelde of onderling sterk verschillende invalshoeken, en houd
het kort.
Daarna volgt een analyse-blok.
Hierin wordt de roman in kwestie, of een substantiële episode
eruit, behandeld met als kader een theorie of invalshoek die een nauwe band heeft met het
eigen vakgebied van de student(en), liefst in samenwerking
met de eerste en derde presentator(en)). Te denken is bv. aan een historische vraagstelling
(Geschiedenis), verwerking van de roman in vroeg-moderne Spaanse literatuur
(Spaans), in 20e eeuwse film (Algemene
Kunstwetenschappen) of andere kunstvormen (Kunstgeschiedenis).
Verwacht wordt
dat de gebruikte theorie of benaderingswijze kort wordt toegelicht en
gedocumenteerd (bv. onder verwijzing naar een artikel of handboek), wordt
toegepast op het tekstmateriaal, en dat uit de aanpak zinvolle conclusies worden
getrokken. (Bv. het werk laat zich wel/niet goed met deze theorie benaderen, de
roman blijkt wel/niet tot creatieve imitatie aan te zetten, met de benadering
komen wel/niet onverwachte aspecten naar voren).
Let
op: kies niet voor een narratieve analyse. In het algemeen zal
de docent in het eerste uur (hoorcollege) aandacht besteden aan verteltechniek.
Er zijn voldoende andere mogelijkheden.
Let
op: zorg ervoor dat de tijd niet
nodeloos wordt besteed. Dus geen informatie die algemeen bekend is, zeker niet bij
boeken die door iedereen verplicht worden gelezen. Geef in die gevallen dus
zeker geen
handboek-overzichten van 'leven en werk', samenvattingen van de plot e.d. maar
ga een gerichte stap verder.
Let
op: maak alleen gebruik van
PowerPoint wanneer dat werkelijk nuttig is en aantoonbaar iets toevoegt, bv. voor
afbeeldingen of muziek. Puntsgewijze samenvattingen e.d. kunnen beter worden verstrekt op
een papieren hand-out.
Ten slotte volgt een discussieblok,
waarin enkele stellingen of discussiepunten worden geformuleerd naar
aanleiding van de lectuur van de roman en/of de interpretatie en historische
doorwerking ervan. Bij voorkeur komen de discussiepunten voort uit de
presentaties in het secundaire literatuurblok en het analyse-blok (zie ook onder
samenwerking). In ieder geval wordt verwacht dat men
aangeeft wat voor punten uit de roman aanleiding kunnen geven voor debat,
waarom nu voor bepaalde punten wordt gekozen (liefst mede op basis van een of
twee beschouwingen), en welke vragen in concreto ter discussie worden
voorgelegd. Zorg ervoor dat het om vragen of stellingen gaat die uitnodigen tot
een constructief debat (dus geen vage vragen 'de zaal ingooien'), en behoud de
leiding van het gesprek.
Samenwerking
De presentaties
zijn in principe individueel mogelijk. Maar vanwege
de grote belangstelling voor het college is het noodzakelijk om samen te
werken. Aan studenten die
zich inschrijven wordt gevraagd hun presentaties op elkaar af te
stemmen om doublures of gebrek aan samenhang te voorkomen. Het is
raadzaam om tenminste eenmaal samen te overleggen over de geplande aanpak. Een
geïntegreerde, gezamenlijke aanpak is zonder meer aan te raden. De drie
onderdelen mogen wel herkenbaar blijven. Een voorbeeld: 1. bespreking
van twee artikelen over de sociaal-economische achtergronden van de Romeinse
wereld in Petronius', twee artikelen over het centrale middengedeelte ('gastmaal
van Trimalchio'); 2. een analyse van een concreet voorbeeld van receptie van de
roman (welke elementen worden gehandhaafd, welke weggehaald of juist
toegevoegd?); 3. stellingen over de (post?)moderniteit van de roman.
Binnen de groep van inschrijvers wordt onderling bepaald wie de presentatie voor
zijn/haar rekening nemen en wie meer aan voorbereiding of documentatie doet.
Minstens drie studenten komen in het college aan het woord.
Dafnis en Chloë
Toetsing: Paper
Er vindt geen toetsing plaats in de vorm van een
schriftelijk tentamen. Van alle studenten wordt een afsluitend individueel paper
gevraagd over een thema naar keuze dat in verband staat met de antieke roman.
[Studenten GLTC
kunnen, als zij dat willen, ook tentamen doen over een zelfstandig te lezen
pensum Latijn of Griekse teksten uit romans. De eis van het paper vervalt dan
voor hen. Vanzelfsprekend kan ook een pensum worden gelezen ter aanvulling van
het paper. In dat geval kunnen extra studiepunten worden toegekend. In ieder
geval moet voor een pensum van te voren goedkeuring van de docent worden
gevraagd.]
Praktisch
Het paper omvat
minimaal 5 en maximaal 10 pagina's netto zelfgeschreven tekst in normale A4
opmaak (NB dus minus
illustraties, citaten, titelblad, inhoud en bibliografie).
Het paper omvat in ieder
geval een inleiding, met daarin een probleemstelling en een korte eigen
reflectie op de relevantie tot behandeling ervan, alsmede een vooruitblik op de
rest van het paper.
De centrale passages
maken gebruik van enkele titels zelf te kiezen secundaire literatuur. In
ieder geval wordt altijd ook het boek van Holzberg gebruikt. Het paper biedt een
analyse aan de hand van een zelf te kiezen vakspecifieke theorie of invalshoek
op de antieke roman, en voegt een eigen bijdrage aan het debat. Anders gezegd:
het paper heeft een structuur en opbouw die is geënt op de in de
colleges gehanteerde werkvormen van de presentaties, zij het dat elke student nu
alledrie de onderdelen in samenhang toepast.
Wat de inhoud betreft is
er een beperking in die zin dat tenminste één van de op college behandelde
en gelezen romans (Chariton, Petronius, Apuleius) serieus
aan de orde komt. Dit kan bijvoorbeeld door een vergelijkende beschouwing over
een bepaald aspect in zo'n roman, in vergelijking met een andere roman, al of
niet uit de oudheid.
Het door een student
mondeling gepresenteerde onderdeel mag de basis zijn van het paper, maar het is natuurlijk
niet mogelijk om de presentaties van andere studenten hier over te nemen. Tenminste
twee van de drie onderdelen moeten dus nieuw zijn en een eigen
uitwerking tonen. Uiteraard mag een paper ook geheel los staan van de eerdere
presentatie.
Het thema moet van
tevoren bij de docent worden aangemeld en worden goedgekeurd (dit
is vooral) om studenten te beschermen tegen mogelijk te ambitieuze projecten!)
Het paper wordt uiterlijk
twee maanden na afloop van het college ingeleverd, zodat de beoordeling voor 1
juli kan worden afgerond.
Tentameneisen
Een student krijgt studiepunten (5 ects) als aan de volgende voorwaarden
is voldaan:
-
actieve deelname aan
het college, voor tenminste 75%. Dat wil zeggen dat men ten hoogste twee van de
zeven colleges mag missen.
-
presentatie
van een onderdeel (volgens inschrijving) in een tweede college-uur, met een
voldoende resultaat
-
inlevering van het paper
dat voldoet aan de gestelde eisen en als voldoende wordt beoordeeld.
Berekening
studielast (5 stp. = 140 u.)
-
colleges incl.
voorbereiding
28 u.
-
lezen 700 p.
romans (15
p/u)
47 u.
-
bestuderen
Holzberg (5
p/u)
30 u.
-
voorbereiden
presentatie
5 u.
-
onderzoek en
schrijven
paper
30 u.
----------------------------------------------------
totaal
140 u.
|

Bibliografie
Primaire
literatuur
Voor de
aanbevolen vertalingen, zie onder teksten.
Voor wie de
oorspronkelijke teksten wil lezen of raadplegen volgen hier enkele aanbevolen
edities. Voor secundaire literatuur, zie onder.
aanbevolen
editie Chariton: Chariton, Callirhoe, ed. and transl. by G.P. Goold,
Loeb Classical Library 481, Cambridge Mass./ London 1995; (geen online Grieks
beschikbaar)
aanbevolen
editie Longus: Longos, Hirtengeschichten von Daphnis und Chloe,
Griechisch-Deutsch; hrsg. und übers. von Otto Schönberger, Düsseldorf 1998;
(geen online Grieks beschikbaar)
aanbevolen
editie Petronius: Petronius, Satyrica = Schelmenszenen;
lateinisch-deutsch von Konrad Müller und Wilhelm Ehlers; mit einem Nachwort von Niklas Holzberg, München 1995 (4e dr. of later)
(Tusculum editie). Eventueel is ook de Loeb-editie gemakkelijk. Een goed commentaar op het centrale gedeelte is: Petronii
Arbitri Cena Trimalchionis edited by Martin S. Smith, Cena Trimalchionis,
Oxford 1982. Online
Latijnse tekst hier.
aanbevolen editie Apuleius: Apuleius, Metamophoses I (books I-VI)
en II (books VII-XI), Loeb Classical Library 44 en 453; Cambridge Mass./
London 1995. Online
Latijnse tekst hier
Voor
de Historia Apollonii aanbevolen: tweetalige uitgave door Franz
Peter Waiblinger, in DTV, München 1978 of later (helaas niet meer nieuw
verkrijgbaar). Online
Latijnse tekst hier.
Secundaire
literatuur
Naast primaire
literatuur wordt bij het college ook secundaire literatuur gebruikt. In de
UB zal een leesplankje worden ingericht met enkele essentiële titels. De docent
beschikt voorts over de serie Groningen Colloquia on the Novel en het
vervolg, het tijdschrift Ancient
Narrative. Hieruit kan eventueel tussen de colleges door (of op
afspraak) door studenten gekopieerd worden.
Voor verdere bibliografie
over antieke narratieve teksten, zie met name:
Ancient
Narrative (Klik door naar
Petronian S(ociety) N(ewsletter)).
Speciale
handbibliografie door Niklas Holzberg voor Petronius en Apuleius
kijk ook eens in Picarta (via
www.ru.nl/ubn --> Catalogi)

Petronius gespeeld in poolse film Quo
vadis (2001)
Links
Ancient
Narrative
Meer
over Petronius op VincentHunink.nl
Meer
over Apuleius op VincentHunink.nl
latest changes here:
19-08-2011 15:05
|